Ga jij in Almere werken?

Ga jij in Almere werken?

Ik zie nog de verbazing op het gezicht van een van mijn beste vriendinnen. Ze kon het niet geloven. Wie voor een baan in Almere een werkkring in Amsterdam opgeeft, moet wel een steekje los hebben. Zo’n besluit staat in de ogen van velen, mijn vriendin is bepaald niet uitzonderlijk, voor een vorm van zelfgekozen degradatie. In Almere wil je, zo kan je de dominante opinie van weldenkende randstedelingen kort samenvatten, ‘nog niet dood gevonden worden’.

Hoe Almere aan dit negatieve imago komt, zal altijd wel iets raadselachtigs behouden. Kennelijk is het voor velen moeilijk voor te stellen dat een stad zonder eeuwenoude kerken aantrekkelijk kan zijn. Ik zelf heb Almere altijd fascinerend gevonden. Anders dan steden die zijn gegroeid rondom oude pleinen is Almere een stad waarover is nagedacht. Hier is met de beste bedoelingen een stad gemaakt met leefruimte, een overvloed aan groen, busbanen en goed geplande voorzieningen. Dat vervolgens de levens van de Almeerders zich niet precies volgens de gedachten achter de tekentafel laten vormgeven, maakt de stad alleen nog maar fascinerender. Zo is de stad begonnen aan haar eigen geschiedschrijving, waarin de echo van de pioniersgeest nog steeds doorklinkt.

Ik hou van een stad die geen last heeft van een ver verleden, die open staat voor vernieuwing. Nergens in Nederland hebben bijvoorbeeld gezondheidscentra zo’n bepalende positie in de   eerstelijns gezondheidszorg, nergens in Nederland wordt zo serieus aan zelfbouw gedaan als in Almere, en ook in het passend onderwijs is voor samenwerkingsverbanden tussen het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs gekozen die je elders in het land niet tegenkomt. Dat is de frisheid van Almere. Een stad die geen geijkte paden kent.

Dat vertelde ik mijn vriendin. Ze keek ook op van de anekdote (die ik toevallig net in Het Parool had gelezen) dat er een Amerikaanse delegatie de ogen had uitgekeken in de nieuwe Almeerse wijk  Oosterwold, waar bewoners (en niet de overheid, en niet projectontwikkelaars) een hele wijk plannen en bebouwen. De delegatieleider, een beroemde Harvard-professor, vertelde elke stedenbouwer in Amerika Almere kent. ‘De stad staat uitvoerig beschreven in alle stedenbouwkundige handboeken.’

In zo’n stad kan je iets bijzonders doen. Juist ook in het passend onderwijs, waar een grote honger bestaat om kinderen zoveel als in hun vermogen ligt tot hun recht te laten komen, in een vloeiende samenwerking tussen scholen en ketenpartners. Dat is geen eenvoudige opgave. Maar in Almere kan je ongehinderd door historische en institutionele loopgraven slagen maken. In Almere gaat het om de inhoud, niet om de traditie.

Of dat klopt, weet ik eigenlijk niet. Op mijn vriendin maakte het in ieder geval wel de nodige indruk. ‘Ik begrijp het’, zei ze om er bezorgd op te laten volgen: ‘Je gaat toch niet in Almere wonen, hè.’ Ik realiseerde me ineens dat ik niet alleen in Almere ben gaan werken, maar dat daar ook automatisch een benoeming als stadsambassadeur uit voortvloeit. Een lot dat ik, zo ontdekte ik al snel, deel met meer Randstedelijke landrotten die de oversteek van het vasteland wagen. Eigenlijk een onverwacht bijbaantje, waar ik zeker werk van ga maken. Almere verdient dat.

> de blog als pdf

 

Hetty Vlug

"Hetty Vlug blogt tweewekelijks over haar ervaringen en inzichten als directeur van de coöperatie Passend Onderwijs Almere en bestuurder van Almere Speciaal, het Taalcentrum en het OPDC."



Terug