Interview leerkracht Maurien Groenink | Olivijn

Interview leerkracht Maurien Groenink | Olivijn 12 - 11 - 2019

Eerst basisveiligheid, dan komt het leren vanzelf wel

Leerkracht van Speciaal Onderwijsschool Olivijn Maurien Groenink vertelt over haar werk op Olivijn, de Behandel Onderwijsgroep (BOG) die werd opgeheven en waar ze het meest trots op is.

Hoe lang werk je al op Olivijn?

Ik werk in totaal negen jaar op Olivijn. Vijf jaar daarvan werkte ik op de behandel onderwijs (BOG). Die groep heb ik helpen opzetten. Het was een onderwijsbehandelgroep die onderwijs en zorg combineerde in samenwerking met zorggroep ‘s Heeren Loo. Tot mijn grote verdriet is de financiering voor deze groep stopgezet en hebben we de groep moeten opheffen.

Ik heb nooit op een reguliere school gewerkt. Voor Olivijn heb ik acht jaar op de Bongerd gewerkt, waar ik eerst ook al klassenassistent was. Ik heb op de Pabo elf dagen stage gelopen op een reguliere school en dat was al mijn ervaring met het reguliere onderwijs. Ik ben meer een pedagoog in hart en nieren dan dat ik een didacticus ben.

Wat vind je het mooiste aan het werk en de kinderen op Olivijn?

In onderwijs vallen kinderen vaak op gedrag uit. Daar ligt mijn hart. Als anderen beginnen te zuchten als ze een bepaalde groep krijgen denk ik al vaak geef mij die groep alsjeblieft!

Het is in zo’n groep belangrijk om basisveiligheid te creëren, zodat kinderen toch tot leren kunnen komen. Kinderen moeten voelen dat ze mogen zijn wie ze zijn en dat dat oké is. Vanuit die positie kun je als leerkracht dan handvaten zoeken wat werkt voor een bepaald kind. Ik heb daar geen vaste aanpak voor, dat verschilt per kind.

Ik heb zelf een open houding. We werken binnen Olivijn met Positive Behaviour Support (PBS). Je spreekt dan je verwachting uit en probeert het woord ‘niet’ zo min mogelijk te gebruiken en daar geloof ik echt in. Een kind kan heel vaak horen wat hij fout doet, maar het is belangrijk om te benoemen wat een kind goed doet. Als je daar vervolgens op insteekt, kun je een band met een kind opbouwen en dan verder kijken. Dan komt het leren daarna wel.

Is het nodig om streng te zijn?

Ik hoef niet per se heel streng te zijn, maar consequent zijn is wel belangrijk. De grenzen moeten duidelijk zijn. Dat kan op een hele normale toon, maar met een duidelijke gezichtsuitdrukking. Je moet juist niet gaan schreeuwen, want dat gaan ten koste van de veiligheid. Je moet kort en bondig zijn, niet teveel woorden gebruiken. Dat klinkt soms kortaf. Maar hoe meer woorden je gebruikt, hoe onduidelijker het wordt in een kind zijn hoofd. Als de structuur duidelijk is en een kind weet wat er van hem of haar verwacht wordt, dan ben je al een heel eind. Onduidelijkheid zorgt vaak voor een gevoel van onveiligheid, veel woedeaanvallen en boosheid komen daar dan ook uit voort.

Waar ben je het meest trots op?

Ik ben heel trots geweest op de BOG groep. Je zag kinderen daar echt opbloeien. Er kwamen daar kinderen binnen die behoorlijke trauma’s hadden opgelopen in het onderwijs. Ze hadden vaak al geschorst thuisgezeten en hun vertrouwen in het onderwijs was weg. Als ze binnenkwamen was behandeling door jeugdhulp voorliggend en naarmate ze hier langer waren, werd het onderwijs voorliggend. Twee leerlingen zijn onlangs uitgestroomd naar PrO (Praktijkonderwijs, red.), dat is echt fantastisch. Daar ben ik echt trots op.

Toen de BOG-groep moest worden opgeheven, hebben we alle ouders dat persoonlijk verteld. Op gegeven moment zaten een moeder en ik beide met tranen in onze ogen. Het deed mij ook pijn, omdat ik zo’n band met dat kind had, het kind groei liet zien en op een goede plek zat..

Heeft Olivijn veel last van het lerarentekort?

Net als op andere scholen speelt dit ook op Olivijn. We hebben de puzzel nu rond, al worden groepen op sommige dagen verdeeld. Er zit weinig rek meer in, er moet niemand ziek worden. Een paar jaar geleden hadden we nog een grote inval-pool waaruit we konden vissen, maar invallers zijn steeds moeilijker te vinden.

We hebben nu ook een aantal groepen waar een aantal dagen per week een fantastisch goede onderwijsassistent voor de klas staat. Met extra begeleiding lukt het haar prima om met een andere onderwijsassistent voor die klas te staan. Het is denk ik belangrijk om te kijken naar de kwaliteit van het personeel, en niet alleen naar het papiertje.

Op sommige groepen waar de zorg voorliggend is, zou het denk ik ook een waardevolle toevoeging zijn om iemand met een opleiding pedagogiek of social work voor de klas te hebben. Een Pabo-diploma is in die gevallen denk ik zeker geen vereiste



Terug